Frankrijk

Tiel - Rahier

Op vrijdag 31 mei begon ons eerste grote fietsavontuur: op de fiets vanaf ons huis in Tiel via Belgie, Luxemburg en Frankrijk naar de Middellandse Zee. We trokken vier weken uit voor deze fietsvakantie over de Groene Weg naar Saintes Maries de la Mer, de weg terug zou met de trein slechts één dag duren. Met stralend weer vertrokken we uit Tiel onze twee katten, Poesje en Bertus, in de vertrouwde zorg van de buren achterlatend. In twee dagen tijd zijn we naar Maastricht gefietst waar de "Groene Weg" begint. Deze route is beschreven in het routeboekje van de Fietskaart Informatie Stichting. Deze twee dagen voerde ons langs bekende en onbekende wegen in Nederland. De eerste nacht van onze vakantie brachten we door op een strak pas gemaaid grasveldje op de camping in Meijel. Het echte vakantiegevoel hadden we hier nog niet omdat we wel vaker een weekendje fietskamperen in Nederland. De tweede dag fietsten we langs Weert en Roermond om vervolgens via Sittard in Geleen terecht te komen. Daar brachten we een kort bezoek aan de ouders van Patrick waar we na het genieten van de lunch de reis voortzetten richting Maastricht. Voor Patrick als geboren en getogen Limburger was het vinden van het begin van de route in Maastricht vanaf het station Randwyck niet moeilijk. Het vinden van de camping in Oost Maarland had aanvankelijk wat meer voeten in de Limburgse aarde. Enige volhardendheid bracht ons echter op een typische camper-en-caravan camping waar we snel het tentje opzetten om na een warme douche te genieten van de kookkunsten van Patrick. Op basis van deze culinaire prestaties is Patrick later deze fietsvakantie omgedoopt tot Maitre Pierre.

Patrick preparing food on a camping somewhere in the South of FranceOp de derde dag nadat we al vroeg de camping in Oost Maarland hadden verlaten, kwamen we in Eijsden midden in een processie terecht. Een bijzonder lange processie om precies te zijn waarbij ons net zoveel aandacht van de gelovigen ten deel viel als de voorbijtrekkende processie. Geduldig hebben we staan kijken tot we achter het laatste beeld dat vergezeld werd door een harmonie aan konden sluiten. Omdat Eijsden een klein dorp is en de processie nogal langs was, moesten we even een sprintje trekken om niet aan de andere kant van het dorp weer het begin van de processie tegen te komen.

Het eerste deel van de dag vielen de Ardennen ons erg mee, zoals Patrick die ochtend ook regelmatig enigszins overmoedig heeft geroepen. Zoals hoogmoed voor de val komt, kwamen de heuvels voor de hoge "bergen" en werd het regelmatig alsnog een pittig eindje fietsen. We eindigden na een kleine omweg die toevallig de steilste heuvel in de omgeving omvatte in Rahier. Deze exercitie in hoogtemeters leerde ons dat we de routebeschrijving letterlijk moesten nemen en niet een eigen interpretatie aan de routebeschrijving moesten geven. Omdat Rahier in het Franstalige gedeelte van Belgie ligt kon Maureen voor het eerst sinds de middelbare school haar Frans weer eens gaan oefenen. Tenminste, dat dacht ze. Nog voordat ze de eerste Franse woorden sinds tien jaar over de lippen kon krijgen vroeg de campingbeheerder in perfect Nederlands: "Ga je naar Saintes Maries de la Mer of Santiago?" . Gedurende het gesprek bleek dat de camping een veel gebruikte rustplaats is voor fietsers die de Groene Weg of de route richting Santiago fietsten. De campingbeheerder gaf de tip dat het riviertje volgen een makkelijke weg was om weer op de route te komen, zonder het bijzonder steile stuk dat we enthousiast naar beneden waren gerold om bij de camping te komen, ook weer omhoog te moeten.

Rahier - Volstroff

De volgende dag waren onze benen het duidelijk met ons oneens over de aanstalten die we maakten om wederom een flink eind te gaan fietsen. Het gebruik van de sluiproute van de campingbeheerder gaf de benen in elk geval de tijd rustig te wennen aan de vele heuvels die zouden volgen. Feeling totally wrecked after only fifteen minutes of cycling. It is the morning of the third day and everything hurts.De nieuwe remblokjes die Patrick voor de vakantie installeerde hadden ook een gewenningsperiode nodig. Met name de voorrem op de fiets van Patrick meldde zich telkens luidruchtig voor de arbeid, de volgende keer toch met wat meer "toe-in" afstellen. Maureen vond het gegil van de remmen wel erg handig, het was voor haar het teken om ook in de ankers te gaan. 's Middags vinden we in het kleine plaatsje Lieurnieux gelukkig een supermarkt. Deze "vondst" lijkt triviaal maar wij hadden geen rekening gehouden met de uitgestorven dorpen en dus moeilijk vindbare supermarkten in het desolate Wallonië. We maken dan ook van de gelegenheid gebruik en proppen de tassen goed vol met voldoende etenswaar voor de komende twee dagen. Diezelfde avond bereiken we Wiltz in Luxemburg en vinden we gelukkig een geldautomaat, de bodem van onze mobiele schatkist was al in zicht. Op de camping komen we voor het eerst routegenoten tegen, een stel uit Leiden op de tandem en een Belgische mevrouw die de Groene Weg al voor de vierde (!) keer fietst. Het stel op de tandem heeft het plan opgevat om in vier weken de Groene Weg heen en weer te fietsen. Daar werden we allebei wel een beetje stil van, dat was dubbel de afstand die we zelf dachten af te leggen! Een goed begin is het halve werk moeten ze gedacht hebben toen ze in één dag van Leiden naar Weert fietsten, dat is een slordige 190 km in één dag.

In Wiltz worden we tijdens het koken overvallen door een regenbui, het blijkt een voorteken te zijn van het omslaande weer. Samen met onze tijdelijke reisgenoten op de tandem zijn we 's ochtends in al ons vroege enthousiasme in Wiltz verkeerd gereden, zodat we gezamenlijk voor niets een enorme heuvel hebben bedwongen. Omdat terugkeren geen optie is, een mens fietst nu eenmaal liever tien kilometer om in plaats van terug te keren op zijn schreden, bedwongen we na een afdaling nog een berg om de route vervolgens weer op te pakken. Het viel ons op dat het klimmen en dalen met de tandem niet sneller gaat dan wij, op de vlakke stukken moeten we echter onze meerdere erkennen en worden we volledig los gefietst. Toch zouden wij voorlopig onze eigen Koga's niet willen inruilen voor een tandem met karretje erachter, een normale fiets met volledige bagage gaat toch net even makkelijker door de smalle poortjes die de toegang tot fietspaden afschermen heen. Met een tandem wordt zo'n poortje toch echt wel tillen. We komen later die dag wegwerkzaamheden tegen die ons zouden dwingen om circa 25 kilometer om te fietsen. Afgezien van deze afstand volgt de omleiding niet het dal van het riviertje waar we nu fietsen maar gaat dwars over heuvels heen. Zo als goed Nederlanders betaamt nemen we dan ook aan dat de omleiding niet voor ons bedoeld is en fietsen om de wegafzetting heen. Dat gaat ook best goed, geen wegwerker te bekennen. Tot dat we een bocht omkomen en we een aantal mannen met een graafmachine en gronddoek bezig zien. Voor de mannen echter geen probleem, ze gebaren ons over het uitgerolde doek te fietsen en zo vervolgen wij onze weg.

De volgende dag op de camping in Alzinger maakten we kennis met een nieuwe fenomeen: de bouwvakkende campingbewoner. Toen we bij de camping aankwamen stonden er redelijk wat caravans en grote tenten onder een partij bomen in Patrick and Maureen.een hoek van de camping. Omdat deze hoek de enige was met schaduw zetten ook wij uiteraard onze tent hier op. Een lekker rustige plek want niemand van de caravan of tentbewoners leek aanwezig te zijn, het had iets weg van seizoensplekken gedurende de werkweek. Echter, tegen een uur of zeven 's avond kwamen steeds meer mannen in busjes met bouwmaterialen aan op de camping. Dit waren dit allemaal bouwvakkers die in de stad Luxemburg aan het werk waren maar vanwege de kosten bivakkeerde op deze camping. De gevreesde luidruchtige bierfeesten bleven gelukkig uit en konden wij dus gewoon genieten van onze welverdiende nachtrust.

Op de website van de Fietskaart Informatie Stichting zijn aanvullingen en wijzingen op het routeboekje van de Groene Weg terug te vinden. Als goedvoorbereide vakantiefietsers hadden wij op de Internet site gelezen dat er op het traject tussen Volstroff en Lunéville geen camping meer zou zijn omdat de camping in Chateau-Salins was opgeheven. Om de dag erna enigszins uitgerust aan de 121 km van Volstroff naar Lunéville te kunnen beginnen, namen we een halve dag rust op de camping in Volstroff. De camping in Volstroff is uiteindelijk in de top drie van ergste campings tijdens deze fietsvakantie terechtgekomen. Het was een trieste verzameling oude caravans in een passende setting waarbij de sfeer nog eens werd versterkt door de overdrijvende regenbuien. Het vinden van het toiletgebouw op deze grote camping was geen probleem, je neus diende gewoon de stank te volgen. In de zoektocht naar een geschikt plekje in deze trieste omgeving reed Maureen iets te dicht langs een glascontainer wat dan ook prompt resulteerde in onze eerste lekke band. Het plakken hiervan was een koud kunstje en daarna kregen we genietend van de resultaten van de kookkunsten van Patrick een prachtig schouwspel voorgeschoteld: een Nederlands echtpaar op leeftijd dat een veel te grote caravan op een veel te klein plekje probeert te manoeuvreren met een veel te grote auto, genieten dus!

Volstroff - Pont sur Saone

Na het afleggen van de 121 kilometer die Volstroff en Lunévile scheiden, horen we op de camping municipal in Lunéville van niet eerder ontmoette routegenoten dat zij op de camping in Chateau-Salins hadden overnacht; de website van de FIS zat er hier dus een tikkie naast. Het grappige is dat we wel nog boodschappen gedaan hebben in Chateau-Salins, de winkel bleek volgens onze collegae fietsers zo'n beetje naast de camping te liggen. De camping municipal in Luneville had tot ons beider genoegen zowel een wasmachine en een droger. Echter, die apparaten slikten onze euro's maar niet, zouden er wellicht nog oude Franse franken in moeten of moesten we gewoon wat harder duwen? Nadat verbale en fysieke onderhandelingstechnieken niet bleken te werken gaven we de hoop op schone welriekende kleren in eerste instantie op. Uiteindelijk bleek de beheerder van de camping aan de overzijde van de straat waaraan de camping lag te wonen en moesten we bij haar gewoon speciale munten kopen voor het verzamelde witgoed. Maureen heeft vervolgens als vakkundig huis/tentvrouw de vieze was, d.w.z. alles wat we aan kleren bij ons hadden, weer fris gewassen en vooral gedroogd. We waren er inmiddels ook wel achter dat het niet handig is om katoenen spullen mee te nemen als je in wisselvallig weer terechtkomt. Tegen de tijd dat de was bijna droog is, komt er wel weer een regenbui en is alles weer nat en klam. Om het drogingsproces wat te versnellen, bonden we de natte was tussen de riemen van onze Ortlieb achtertassen, dat heeft dus alleen het gewenste effect als de zon schijnt.

De camping in Lunéville ligt aan een vrij drukke weg, dus wat ons betreft niet echt ideaal voor een rustdag hoewel het stadje zelf volgens het routeboekje een cultuurhistorisch juweeltje zou moeten zijn. Echter, wat betreft het bezichtigen van gebouwen en kerken zijn wij cultuurbarbaren, het is gewoon niet aan ons besteed. Waar anderen spreken over "pittoresk, authentiek en rustiek" zien wij vaak half vervallen gebouwen onder het murmelen van "wat een oude kraam". We besloten dan ook nog één dag door te fietsen, voor we aan onze eerste welverdiende rustdag van deze fietsvakantie zouden beginnen.

Maar helaas, de geplande rustdag zou nog een dag moeten worden uitgesteld zo bleek toen we uitgeput bij de voor verbouwing gesloten camping in Darney aankwamen. Na vol vertwijfeling over de camping te hebben gelopen, troffen we nog net één van de bouwvakkers. Hij gebaarde naar het aanhoren van ons Frans gestamel dat we de tent mochten opzetten op het bovenste deel van de terrascamping. We denken dat hij ons eigenlijk liever had weggestuurd, maar uit medelijden toch maar toestemming gaf. Het toiletgebouw was dicht, maar er zaten wasbakken aan de buitenzijde met functionerende kranen, aan water dus geen gebrek. Het toiletgebouw lag wel een terras lager en de helling was bijzonder steil. Onhandig als Maureen bij tijd en wijle kan zijn, gooide ze een teiltje water over haar schoenen net nadat ze met haar zware lading de steile helling was opgezeuld. Dus natte schoenen, deukje in de gemoedstoestand en weer een keer klimmen. Zelf vonden we het die avond toch wel spannend, voor het eerst "wild" kamperen. De schrik sloeg ons dan ook even om het hart toen na een aantal uurtjes een auto voor het gesloten hek van de camping stopte, een man uitstapte en direct op ons toeliep. Het bleek gelukkig een landgenoot te zijn die ook op zoek was naar een plek voor de nacht maar hij besloot een andere camping te zoeken na het aanhoren van ons relaas. Helemaal rustig hebben we niet geslapen, we hebben in de tent nog wel regelmatig gedacht dat iemand ons zou komen vertellen dat we er niet mochten staan.

Op de camping in Port-sur-Saone hadden we de keuze tussen kampeerplaatsen verdeeld door keurige hagen, waar de meeste campinggasten stonden, of een mooi groot grasveld met hoge bomen waar helemaal niemand stond. Zoals een goede gek betaamt namen we aan dat de rest van de campinggasten gek was en kozen we voor het grote, lege veld om ons tentje op te zetten. Wat een geluk een heel veld helemaal voor ons alleen en zo heerlijk rustig! Deze euforie bleef bij ons tot de schemering haar intrede deed. Dat was het moment dat een beest tot leven kwam dat om de paar seconden een schrille zeer luide schreeuw gaf. Dit geschreeuw hield pas de volgende ochtend op toen het weer licht werd. Patrick is nog wel de tent uit geweest om proberen met takken gooien dit beest te verjagen. Het resultaat van deze nachtelijke actie was dat niet één maar twee schreeuwende beesten ons van onze slaap beroofden. We hebben er twee nachten gestaan en er twee nachten van mogen genieten, naïef als we zijn gingen we er van uit dat het beest ook op doortocht zou zijn; helaas ze hadden een seizoensplaats. Achteraf vermoeden wij dat de luidruchtige beesten de reden zijn geweest dat het mooie veld zo leeg was. Gedeelde smart is halve smart; de tweede nacht waren we niet meer alleen, maar hadden we bezoek gekregen van de routegenoten die we in Lunéville al waren tegengekomen. We hebben ze nog gewaarschuwd voor de nachtelijke avonturen die je kon beleven op die camping maar ook zij waren eigenwijs. Zou dat vakantiefietsers eigen zijn? In het stadje hebben we ons uren kunnen vermaken met de tentoonstelling "Caleidoscoop", die honderden foto's bevat van families over de hele wereld. Als onderschrift bij de foto's werden hun dromen voor de toekomst vermeld. Deze foto's hingen langs de kant van de weg en vormden een sliert van kilometers lees en kijkplezier.

Port sur Saone - Pont de Barret

Het aanvankelijke mooie weer waarmee we vertrokken waren, was in Luxemburg omgeslagen en de nodige buien en koele avonden vergezelden onze tocht door Noord Frankrijk. De combinatie van dit grijze weer met de leegte en armoede van Noord Frankrijk maakt dat de dagen nogal grauw en saai lijken. Het fietsen viel ons ook relatief zwaar, de heuvels van Noord Frankrijk zijn niet hoog genoeg om lekker uit te rusten tijdens de afdaling maar wel weer hoog genoeg om geen goed tempo te kunnen maken. En met wind tegen moesten we bij tijd en wijle ook bij de afdalingen trappen en dat mag natuurlijk al helemaal niet! Klimmen vinden we prima, zolang we daarna maar wel beloond worden met een lange glooiende afdaling. Het slechte weer zorgde bij Patrick ook voor donkere wolken in zijn hoofd, hij werd behoorlijk mopperig van de regen. Onderweg van Arc-et-Senans naar Thoirette kwamen we een Nederlands stel tegen, gepensioneerd en vitaal. Ze waren begin april uit Nederland vertrokken op fietsvakantie naar Rome en Sicilie en trokken nu huiswaarts de Groene Weg vanaf Zuid-Frankrijk naar huis fietsend. Met deze mensen hebben we een hele tijd staan praten. Het ongekende enthousiasme van beiden ondanks de vele dagen regen en het desolate landschap zorgde ervoor dat het weer in Patrick's hoofd zienderogen opklaarde. Daarna zijn er weinig moppies meer gemaakt en fietsten we met hernieuwde moed over de Groene Weg de zon tegemoet.

Patrick is not convinced we will make it all the way to the South of France.Om ook echt in mooier weer terecht te kunnen komen, moeten we volgens het boekje de Rhône oversteken. Tot dat punt zitten we in de regenschaduw van de Jura, maar je mag ook gewoon de natte kant van de berg zeggen. Om aan de droge kant van de berg te komen, moesten we aantal keer flink klimmen omdat de route ons vlak langs de uitlopers van deze bergen leidde. We hebben inmiddels geleerd dat het nogal verschil maakt of je 's ochtends vroeg of aan het einde van de dag kilometers moet klimmen. Onze voorkeur gaat uit naar vroeg op de dag, we zijn dan nog fris en vol energie. Toen we weer eens ergens zaten uit te puffen van een klim hebben we nog een praatje gemaakt met een routegenoot die de Groene Weg in omgekeerde richting fietste. Deze goede man verzekerde ons dat het aan de andere kant van de bergen heel mooi en warm weer was, zo warm zelfs dat hij zijn kruikjes in de loop van de dag moest hervullen. Omdat wij "kruikjes" een veel mooier woord vinden, vullen wij sinds die dag dan ook niet meer onze bidons maar onze kruikjes.

De man van de kruikjes had gelijk want zodra we de uitlopers van de Jura voorbij waren klaarde het weer meteen op en hebben we geen druppel regen meer gezien. Deze scherpe scheidslijn tussen het grijze regenachtige weer dat ons al dagen achtervolgde en de strak blauwe luchten was wel heel opmerkelijk en werd des te meer door ons verwelkomd. Een paar avonden achter elkaar komen we op de camping Jan tegen die de Groene Weg in zijn eentje fietst. We kletsen 's avonds uitgebreid over de ervaringen van die dag en springen ter afkoeling gezamenlijk in het zwembad op de camping. Onderweg komen we na twee weken de routegenoten op de tandem met karretje weer tegen. Jan was ons die dag iets voor en was al aan de praat met het illustere tweetal. Ze bleken gekeerd te zijn voordat ze de Middellandse zee hadden bereikt. De verplichtingen van een werkzaam leven dwongen hun in Hauterives te keren en huiswaarts te fietsen. Inmiddels hadden wij besloten dat onze reis zo voorspoedig liep dat we in plaats van rechtstreeks naar Saintes Maries de la Mer te fietsen we eerst naar St. Pierre zouden fietsen. Vanuit St. Pierre zouden we dan via de kust terug naar Saintes Maries de la Mer gaan. Als we de directe route via Orange en Avignon zouden fietsen, zouden we al na ruim twee weken fietsvakantie in Saintes Maries de la Mer hebben gestaan wat zeker anderhalve week eerder was dan gepland. Om niet avontuurlijker over te komen dan we destijds waren; de route naar St. Pierre is in het routeboekje van de Groene Weg als alternatief opgenomen en dus was deze beslissing snel genomen.

Onderweg zijn we regelmatig landgenoten met caravan tegengekomen, die dan tegen ons zeiden: "Ja, dat kan als je jong bent". We vonden het vooral leuk om te vertellen dat we regelmatig andere fietsers tegenkwamen die inmiddels de pensioengerechtigde leeftijd hadden bereikt en lekker een paar maanden met de volgepakte fiets (inclusief tent) op fietsvakantie waren. Hoezo kan dat alleen als je jong bent? The road seems to be carved out of the stone sometimes.De hele route van Nederland tot aan de zee is met name klimmen en dalen, veel meer dan we ons hadden gerealiseerd. We hadden toch wat meer vlakke stukken verwacht. Met een bij elke hoogtemeter toenemend respect hebben we regelmatig gedacht aan onze helaas inmiddels wijlen grote held, Ignace Vervaet. Hij beschrijft in zijn boek "Duizend heuvels" hoe hij met zijn stadsfiets met drie versnellingen en trommelremmen naar Santiago fietste, zonder noemenswaardige training. Tenzij je een aantal keer op en af fietsen van een viaduct als training ziet. Dit alles zonder lichtgewicht spulletjes en met dagafstanden waar we jaloers op kunnen worden. Het boek van Ignace kunnen we iedereen aanraden, geweldig, met name de foto's van Ignace onderweg op een volgepakte oerdegelijke Hollandse stadsfiets. Om net als Ignace ook eens wat van de "couleur locale" op te snuiven besluiten we het Palais Ideal te gaan bezoeken. Het eerste uitstapje van onze fietsvakantie draait echter uit op een teleurstelling want het Palais Ideal bleek gesloten en even snel kijken is er niet bij omdat men er een metershoge muur omheen heeft gebouwd. De muur is er om toeristen te dwingen vooral een kaartje te kopen nadat men zich door een wirwar van kraampjes en winkeltjes met lokale kitsch heeft heen geworsteld; een dagje Valkenburg geeft een zelfde ervaring die niet aan ons besteed is.

Pont de Barret - St. Pierre sur Mer

Ook de geplande rustdag in Pont de Barret hebben we een dag uitgesteld. Deze camping is ook in onze top drie terechtgekomen van ergste campings tijdens de fietsvakantie. In dit geval doordat het ooit een hele mooie camping geweest was, maar dat was alweer een tijdje geleden. De camping ligt naast een riviertje dat door de bewoners ook als zwemplek wordt gebruikt. Wij waren er op vrijdagavond en dan wordt het dus ook nog als hang- en feestplek door de lokale jongeren gebruikt. Hele volksstammen komen over de camping heen lopen vaak ook nog met brommer, radio en flinke voorraad drank. Om het hek bij de ingang van de camping zit een groot slot, waar wij met onze fiets met tassen eigenlijk net niet doorheen pasten, we snapten dat slot in het begin niet. Maar ongetwijfeld hadden we anders in de loop van de avond ingebouwd tussen de auto's gestaan. Vandaar dus ook voor deze camping een welverdiende plaats in de top drie. De camping is niet de absolute topper geworden omdat de loslopende herdershonds niet echt vals was en zowaar een dronken baasje bleek te hebben.

Na een zware dag van fietsen met een enkele klim van 7 kilometer lengte bereiken we een typische familie camping in Valreas. Het is best een aardige camping met zwembad en mooie plekken in de schaduw. We besluiten, net als half Nederland afgaand op de kentekenplaten van de auto's op de parkeerplaats, om hier maar de rustdag te nemen. Dit is hard nodig want zowel onze kleren als de fietsen schreeuwen om een onderhoudsbeurt. De vele regen gecombineerd met de opgespatte modder heeft de kettingen van onze fietsen veranderd in een flinke schoonmaakklus. Vol zelfvertrouwen wordt de ketting van de fiets gehaald en worden ook de kettingbladen schoon gemaakt en voorzien van een druppeltje olie. Na het volhangen van de waslijn zijn we aan het zwembad gaan liggen. Aan het eind van de middag besloten we nog even Valreas zelf te bezoeken maar ook dit uitstapje was geen succes; het centrum was vooral erg verlaten. We follow the Ain River for quite a while.De volgende dag zijn we weer blij dat we op de fiets zitten zeker omdat de omgeving mooi is. We fietsen 's ochtends langs uitgestrekte lavendelvelden, 's middags zien we vooral wijngaarden. 's Avonds op de camping in Uzes krijgen we gezelschap van een kat die qua vacht wel een nakomeling van Bertus en Poesje kon zijn. De blije zwart met rood gevlekte dame kan voor wat betreft honger en aandacht zelfs onze eigen dikke poes naar de kroon steken. Het beestje geniet dan ook van de restjes van een vanille eclair. De Franse vanille en chocolade eclairs zijn elke dag weer een feest. Elke ochtend gaan we tussen 10 en 11 uur op zoek naar een bakker voor het obligate stokbrood en een paar eclairkes zoals wij ze zijn gaan noemen. Met het stokbrood op de bagagedrager genieten we dan in de zon van deze zoete traktatie die ons ook weer wat energie geeft voor de volgende kilometers over de Groene Weg.

In St. Martin de Londres hebben we voor de tweede keer tijdens deze fietsvakantie een lekke band, maar ook dit keer is dat pas op de camping (en vinden we eigenlijk dat dat niet telt). De overige allemaal Nederlandse campinggasten schuiven de stoel nog wat bij om eens goed te kunnen kijken hoe die band gemaakt gaat worden. Onze pomp is bij de eerste lekke band op de camping in Volstroff al overleden, er is een rubberen ringetje gescheurd. Gelukkig hadden we nog een mini-pompje van Koga; dit ding beviel zo goed dat hij na thuiskomst in Tiel een ereplek in de vuilnisbak kreeg. We besluiten dan ook bij thuiskomst naar de fietsenmaker te zullen rennen om een tweede fatsoenlijke pomp te kopen. De volgende dag na zo'n 60 km fietsen blijkt de camping in Fontès een betonnen plaat vergezeld door een leeg zwembad. Het is nog vroeg op de dag en tijdens de lunch in de schaduw van een boom besluiten we dan ook die dag nog door te gaan naar de Middellandse zee. Het weliswaar nog zo'n 70 km maar we veronderstellen een vlakke route naar de zee, we moeten immers nog op zeeniveau komen. Het kilometers maken gaat echter niet zo hard als we hadden verwacht en we beginnen ons langzaam af te vragen of we wellicht in zee zullen storten. Dat blijkt ook bijna het geval, tot het allerlaatste moment blijven we de berg op en af sleuren, pas in St. Pierre zelf daalt de weg steil richting zee. Voor het dorp stappen we nog snel even af om een foto te maken bij het plaatsnaambord. Het enthousiasme waarmee dit gebeurt levert een bijzonder onscherpe foto op.

Als afsluiting van de beschreven route naar de Middellandse Zee hebben we aan zee een heerlijke pizza gegeten. Voordat we de pizza konden nuttigen moesten we erg veel geduld opbrengen want alles werd vers gepeld, geschild en gekneed. In de tussentijd hebben we het thuisfront laten weten dat we de zee hebben bereikt. Het was tijd om op zoek te gaan naar een camping. Volgens het routeboekje erg eenvoudig, aangezien er zeven campings naast elkaar zouden liggen. We hebben de camping municipal bezocht, maar die had maar één ster boven de ingang hangen. En die ene ster viel ook nog bijna van de poort af... Dat was te weinig, zeker met die rij van zeven campings in het achterhoofd. Dus zijn we op zoek gegaan maar konden geen enkele aanwijzingen vinden. Wel hadden we bij het binnenkomen van het stadje een bordje richting Endless cornfields are also to be found in  France.een camping zien staan, dus zijn we die bordjes gaan volgen. Deze bordjes leidden ons steeds verder van St. Pierre vandaan. We vonden het wel een beetje vreemd want het werd steeds minder bewoond, maar terug fietsen leek gezien de invallende schemering ook niet echt een goed idee. Na ruim 10 km kwamen we dan eindelijk bij de camping. Bij het oprijden van het terrein zagen we een bord met het opschrift "La grande cosse, camping naturiste". "Dit is een naturistencamping hoor!. Oh, ik dacht dat camping naturiste een natuurcamping zou zijn. Vandaar dat deze camping natuurlijk zo ver bij alles vandaan ligt! En nu, we gaan toch niet dat hele stuk terugfietsen?". Nee, terugfietsen naar St. Pierre vonden we geen optie. Afgezien van de voor ons doen respectabele dagafstand van 145 km begon het bovendien al te schemeren. Dus maar vragen of we op de naturistencamping konden staan. Het was even wennen om tegen een wildvreemde naakte man aan te praten. Gelukkig (voor ons dan tenminste) bleek dat op de camping zelf de kleding varieerde van alleen een paar badslippers, of alleen een T-shirt tot volledig gekleed. We voelden ons wel wat ongemakkelijk, maar dat lag toch aan ons, niet aan de andere gasten. Vol verbazing hebben we gezien dat een meneer slechts gekleed in een paar sokken en schoenen in zijn auto stapte en de camping verliet, waarbij wij ons toch afvroegen: "waar gaat hij zo naartoe?". Een andere vraag die opkwam was: "waarom zijn er zoveel wasmachines, die heb je hier toch nauwelijks nodig". Zelf vonden we het naturistische concept wel erg makkelijk met omkleden als je reist met een kleine tent. En toegegeven: het was de camping met het mooiste en schoonste sanitair gedurende de hele fietsvakantie. Als onervaren gedwongen naturisten hadden we er natuurlijk niet bij stil gestaan dat scheiding tussen mannen en vrouwen in een toiletgebouw een beetje zinloos is op een naturistencamping en daarom dus niet bestaat. We werden wel gek van de muggen, en ook daarbij vroegen wij ons weer af hoe de nudisten hier mee omgaan?

St. Pierre sur Mer - Saintes Maries de la Mer

Helemaal lek geprikt, zijn we de dag daarna op de vlucht voor de muggen gegaan en uitgekomen op een typische gezinscamping aan de Middellandse Zee, met allemaal bungalowtenten en caravans. Er staan hier heel erg veel van die "Vacance Soleil" bungalowtenten op een nogal verdord grasveldje vlak naast een enorm toiletgebouw. Je moet er van houden denken wij dan, voordeel is dat de rij voor de douche met dit aantal douches nooit lang kan zijn. We springen nog even in het zwembad en lopen later het kleine eindje naar zee om te kijken wat daar te beleven is. Het blijkt een nogal toeristisch gebeuren te zijn gericht op een wat jongere doelgroep dan waar wij deel van uitmaken. We besluiten een pizza te bestellen en deze mee te nemen om lekker op de camping op te peuzelen.

Op weg naar La Grande Motte de volgende dag weigerde de voorderailleur van Patrick's fiets dienst waardoor het wisselen van voorblad niet meer mogelijk was. Gelukkig was het traject redelijk vlak waardoor dit euvel geen echt probleem was. Op de camping in La Grande Motte bleek dat de derailleurkabel was afgebroken bij het stelschroefje op het frame. Zoals het hoort sleept Patrick bergen met reserve onderdelen mee maar een derailleurkabeltje uiteraard niet. Met behulp van een noodspaak, wat ijzerdraad en plakband is het geheel gespalkt en opnieuw afgesteld. Deze constructie heeft het zowaar tot het einde van de rit uitgehouden. Op de camping waar we die avond stonden had men nog nooit van een tent gehoord en werden we nog net niet op de parkeerplaats neergezet, maar in zandbak waar de rest van de gasten waarschijnlijk normaal de auto wel wegzette of de hond uitliet. Het bleek een camping te zijn met allemaal stacaravans waar eigenlijk nauwelijks toeristen kwamen. In de loop van de avond kregen we toch het gevoel dat er regelmatig mensen kwamen kijken, of het echt waar was dat er twee gekken waren gearriveerd zonder auto en dan ook nog met een tentje. Deze camping staat dan ook op plaats twee in onze top drie, vanwege de rottigste en duurste plaats tijdens de hele fietsvakantie.

De zelf verzonnen route langs de kust die we hadden gekozen om vanuit St. Pierre naar Saintes Maries de la Mer te fietsen, was niet altijd een pretje. De N-wegen zijnSelf portrait halfway during our trip to France. behoorlijk druk en hoewel het wel is toegestaan om er te fietsen, is er eigenlijk geen plaats voor. Heel erg veel verkeer en vooral grote vrachtauto's razen op enkele decimeters voorbij. Op dat soort momenten zijn we steeds erg blij met het spiegeltje op onze fietsen, je ziet het gevaar aankomen en kan snel de berm insturen. De camping in Saintes Maries de la Mer was even schrikken; ongekend groot (minimaal 1500 plaatsen) en vrijwel geen boom te bekennen, dus ook vrijwel geen schaduw. Bij het opzetten van de tent kregen we bezoek van een Nederlandse meneer die ons na een ons een tijdje te hebben geobserveerd waarschuwde voor de enorme hoeveelheid muggen. Volgens hem werd je er vanaf een uur of vier 's middags volledig lek geprikt. De goede man had gelijk, 's avonds buiten zitten doet dus ook niemand. Toppunt van gezelligheid vormen de gezinnen die de auto in vluchten en daar de avond in doorbrengen: "Paradise by the dashboard light". De meneer van de muggen wilde ook graag een praatje met ons maken over onze fietsen, dat ging als volgt: Meneer: Hoe zijn jullie hier gekomen? Maureen: Op de fiets. Meneer: Hebben jullie die lange weg gefietst vanaf Arles? Waar staat jullie auto dan? Maureen: We zijn op de fiets vanuit Tiel vertrokken" Volledig ontdaan heeft de man het gesprek opgegeven... en ons erbij waarschijnlijk (hartstikke gek, die twee...). Het routeboekje van de Groene Weg geeft voor de echte avonturiers een route over een steenslag weg aan, die wilden wij ook wel gaan fietsen. De dag voordat we aan dit avontuur wilden beginnen, kwamen we Jan weer tegen op de camping. Hij had de route geprobeerd en raadde het ons ronduit af om het te doen, al helemaal niet met bagage zoals we van plan waren. De volgende ochtend blijkt Rein zijn tentje naast ons te hebben opgezet en ook hij raadt de route over steenslag af, hij heeft hem de dag ervoor gedaan. Er zitten stukken bij waarbij fietsen niet mogelijk is, maar waar de fiets geduwd moet worden en dat weten de muggen ook. Daarom liggen ze daar in bosjes op de loer. Nou, dan geloven wij zo ook wel dat het een heel mooi gebied is en dat er flamingo's zitten, die vogels hadden we toch al eerder langs de route gezien en vooral geroken.

Van Jan hebben we nog wat boeken gekregen. We hadden maar twee boeken meegenomen maar die had Maureen natuurlijk allang uit nog voordat de zee in zicht was. Ze was dan ook erg blij met de boeken, want de hele dag advertenties uit de Telegraaf lezen is ook niet alles. Omdat er op de camping nauwelijks schaduw was en het zwembad nogal vol, brachten we de dag door aan de haven waar mooie overdekte bankjes stonden. Voorzien van leesvoer, versnaperingen, fles water en een handdoek hebben we ons uren vermaakt op zo'n bankje met uitzicht. Na twee dagen met temperaturen die ruim boven de dertig graden lagen hebben we ook hier wel weer genoeg gehad van de muggen en willen we graag schaduw, dus zijn we naar Avignon gefietst.

Saintes Maries de la Mer - Avignon

Nooit geweten dat je zo blij kan worden bij het zien van een grote gele M, van mmm lekker (van de McDonalds dus). In our MSR Velo the bicycles can stand Pas toen we weer puffend op de fiets bergen bedwongen viel ons in dat die vele ijsklonten die je in de cola krijgt, goed in de kruikjes zouden passen om het water te koelen. Te laat. Als we een uur later in een piepklein dorpje vertwijfeld om ons heen staan te kijken op zoek naar water worden we geholpen door een vriendelijke Franse dame. Nadat ze ons een tijdje vanuit haar huis heeft gadegeslagen opent ze de luiken en biedt aan onze kruikjes met koud water te vullen. Later diezelfde dag stoppen we naast de akker van een tuinder die zijn gewassen aan het beregenen is. De tuinder lacht en steekt zijn duim op terwijl wij lekker gekoeld worden door zijn kunstmatige regenbui. Als we aan het einde van de dag de tent opzetten op de camping in Avignon, worden we aangesproken door een Nederlandse meneer. Hij waarschuwt ons om de fietsen goed op slot te zetten en aan een boom of iets dergelijks vast te zetten. Zijn fiets was die nacht ervoor gestolen, het ding stond wel op slot maar niet vast aan een boom. En een paar nachten daarvoor waren ook al een paar fietsen gestolen, het lokale boevengilde heeft door dat deze camping veel door vakantiefietsers wordt gebruikt. Het trieste van dit alles was dat de man pas net een paar dagen onderweg was voor een fietsvakantie van drie maanden. Daar sta je dan, met al die fietstassen, waar niets handigs aan is als ze niet aan je fiets hangen.

Onze tent is trouwens een MSR Velo, waar we onze fietsen 's nachts in hebben staan. We lezen op Internet vaak verhalen van andere fietsers die dit maar onzin vinden of onhandig. Wij zweren echter bij het binnen plaatsen van de fietsen. Onze tent heeft een grote luifel waar we op onze visstoeltjes onder kunnen zitten als het regent en al onze tassen makkelijk kwijt kunnen. 's Avonds zetten we vervolgens de fietsen in de tent en maken we zelf gebruik van de andere ruime ingang tot de binnentent. Dus lastig vinden we het zeker niet en persoonlijk slapen we een stuk rustiger als we weten dat niemand ongemerkt bij onze fietsen kan komen. Dat de wereld van de vakantiefietser ook heel klein kan zijn blijkt maar weer eens als we enige maanden later de man van de gestolen fiets tegengekomen in de fietsvakantiewinkel in Woerden. We kunnen daarom melden dat hij een zelfde fiets heeft laten maken door zijn eigen fietsenmaker, deze is vervolgens door zijn vrouw op de fietsbus gezet. Een week nadat zijn fiets was gestolen heeft hij zijn fietsvakantie alsnog kunnen voortzetten. De overige drie maanden zijn zonder verdere noemenswaardige problemen verlopen.

Op de camping in Avignon hebben we relatief veel fietsers gezien, waaronder de mensen met wie we al in Lunéville en Pont-sur-Saone hadden gestaan. Ook Rein treffen we weer op deze niet onaardige camping net buiten het centrum van Avignon. Omdat wij wat ruim inkopen hebben gedaan genieten we 's avonds van de meest bijzonder culinaire prestatie van Patrick deze reis; het zag eruit alsof het al een keer gegeten was voordat wij eraan begonnen. Het is heel leuk om te horen hoe iedereen het fietsen is vergaan en wat men onderweg allemaal heeft meegemaakt. Ook hebben we enigszins verbaasd zitten te kijken naar een stel dat met twee volledig bepakte fietsen én een fietskarretje reed. Maar die hadden dan ook volwaardige klapstoelen en een klaptafel bij zich! Tja, dat is weer eens wat anders dan een piepklein visstoeltje en het bord op je knieen. In Avignon hebben we in totaal drie dagen door gebracht. De eerste dag hebben we vooral niets gedaan behalve wat rusten, eten en lezen. De tweede dag zijn we Avignon gaan bezoeken. We hebben uren door de stad gedwaald en zijn ook het pauselijke paleis gaan bezoeken. Dit was een indrukwekkend stukje historie dat ons beeld van dit instituut weer eens versterkte. De derde dag, de laatste dag van onze fietsvakantie, hebben we voor een groot deel door gebracht in een park vlakbij het station vanwaar de trein naar Nederland zou vertrekken. Tussen de lokale bevolking hebben we geprobeerd wat te lezen op een bankje in de schaduw. Dat lezen bleek nog een hele kunst want de aandacht werd voortdurend afgeleid door de luidruchtige geanimeerde gesprekken van onze tijdelijke Arabische buren.

Vanuit Avignon hebben we die avond de autoslaapexpress terug naar Den Bosch genomen. Dit is een nachttrein die is uitgerust met een speciale wagon voor fietsen. Tot onze spijt heeft de NS aangegeven in 2003 te stoppen met deze dienst vanuit de meeste overige plaatsen in Frankrijk. Dat is jammer want we vonden het wel een relaxte en comfortabele manier van reizen: geen gedoeSome pie to celebrate the fact that we are home again (are we trying to bribe them?) met het inpakken van fietsen, een restaurant en een gewoon bed om in te slapen . Daar haalt de bus of het vliegtuig het voor de verwende vakantiefietser niet bij. Het vertrek van de trein vanuit Avignon was een leuk schouwspel voor ons, de meeste routegenoten troffen we op het perron of nog worstelend in het veel te kleine liftje tussen de perrons. Wij deelden onze vierpersoons couchette met een ander stel dat ook de vakantie fietsend in Frankrijk had doorgebracht. Genoeg gesprekstof voor een hele avond, vlak voor het slapen gaan troffen we Rein weer en samen hebben we nog wat gedronken op de goede afloop van onze eerste echte fietsvakantie.

Het is de volgende dag wel een vreemde gewaarwording dat de trein in één nacht dezelfde afstand aflegt als wij in vier weken. Na net geen 2000 km Groene Weg te hebben gefietst zit ons eerste fietsavontuur er weer op en komen twee katten ons vanaf de oprit tegemoet gerend als we onze straat in Tiel in fietsen. Terwijl Bertus en Poes genieten van een goedmakertje voor het lange afwezig zijn van de baasjes is het voor ons alweer tijd om te gaan verzinnen waar de volgende fietsvakantie ons naar toe zal brengen. Dit smaakte niet alleen de katten maar ook ons naar meer.

 
Voor vragen of opmerkingen kun je ons Dit e-mail adres wordt beschermd tegen from spam bots, u hebt Javascript nodig om het te bekijken
'Dit reisverhaal is geschreven door Patrick en Maureen en is gepubliceerd op

WWW.PATRICKENMAUREEN.NET

Op de inhoud en opmaak van dit document is de Creative Commons Licentie van toepassing.
http://creativecommons.org/licenses/by-nc-sa/1.0/nl