De Terugblik
Het was een indrukwekkende fietsvakantie. We waren vooral erg onder de indruk van Cambodja. Bij de grensovergang van Poipet tussen Thailand en Cambodja waanden wij ons in een andere wereld. Cambodja is wel het armste land waar we tot nu toe ooit geweest zijn. De armoede was anders dan de armoede van de grote stad. In Bangkok, Phnom Penh maar ook in ons eigen Utrecht kom je arme sloebers tegen. In Cambodja liepen de mensen echt niet in vodden al etend uit vuilnisbakken rond. Maar was hun hele bestaan en omgeving eenvoudig en armoedig. De armoede in de drijvende dorpen op het Tonle Sap meer en de daarop uitkomende rivieren was soms schrijnend.
De route wordt door Asian Way of Life aangeprezen onder de naam: "het avontuur". Toegegeven, als je nog nooit in Cambodja bent wezen fietsen, klinkt het ook best wel spannend. Wij hadden ons daarom voorbereid op de roemruchte slechte staat van de Cambodjaanse wegen, waarbij termen als "man-eating potholes" en "wasbord" worden gebruikt om de staat van de wegen te duiden. Deze voorbereiding was vooral mentaal, aangezien we ons daarop tijdens de fietsvakantie in Costa Rica een jaar eerder lelijk hadden verkeken. Het niveau van fysieke inspanning zou, dachten wij, worden bepaald door de staat van de wegen en niet zozeer door hoogtemeters. De staat van de Cambodjaanse wegen viel ons echter reuze mee. Bijna negentig procent van onze fietsroute was “gewoon” geasfalteerd. Er waren de nodige kilometers onverhard, maar dat betekende nog niet dat ze niet goed fietsbaar waren. Sterker nog, de ongeasfalteerde kilometers waren voor een groot deel zeker net zo goed te fietsen als de verharde wegen. Het enige nadeel van de onverharde wegen is het stof. Binnen vijf minuten zit alles onder een laagje rode stof. Kortom, de wegen staan een fantastische fietsavontuur in Cambodja niet in de weg. Toegegeven, de Nederlandse wegenbouwers maken gladder asfalt, maar dat is het dan ook.
We waren erg onder de indruk van de tempels bij Angkor Wat. Het is onvoorstelbaar dat dergelijke bouwwerken al die eeuwen geleden al gebouwd konden worden. Wij zijn zelf niet zo van het bezoeken van kerkjes, tempels en archeologische plekken maar van Angkor Wat werden wij toch wel een beetje stil. Angkor Wat valt wat ons betreft in dezelfde categorie als de piramides in Egypte; die moet je gewoon een keer in je leven gezien hebben. En van Egypte kunnen we dat weliswaar nog niet zeggen, dat staat nog als potentiële bestemming op ons fietsvakantieverlanglijstje (lijstje is niet echt een goed woord ervoor, het is een nogal lange lijst, maar goed, je moet wat te wensen over houden).
Kortom, fietsen in Cambodja kunnen wij iedereen aanraden. Een beetje conditie is handig maar je hoeft geen Olympisch atleet te zijn. Wel is het handig dat je niet al te hoge eisen stelt aan de accomodatie. Die is voldoende en soms is alle comfort ver te zoeken, maar nooit smerig. Wij fietsten in december en januari door de regio. En dat is wat ons betreft het beste seizoen voor Cambodja. De temperatuur is dan aangenaam (tussen de 25 en 30 graden Celcius) en van neerslag is (nagenoeg) geen sprake. Ga je in het regenseizoen naar Cambodja dan kunnen we ons voorstellen dat de onverharde wegen lang niet zo fietsbaar meer zijn als wij ze nu meemaakten.
Vietnam is daarentegen niet ons favoriete fietsvakantieland geworden, al helemaal niet in vergelijking met Cambodja. We ervaren de Vietnamezen onderweg vaak als onbeleefd. Het toeschreeuwen, nawijzen en uitlachen staat ons tegen. We vinden de bediening in hotels (die toch claimen op toeristen te zijn gericht) onder de maat, het Vietnamese eten is lauw of koud en komt niet op het juiste tijdstip (hoofdgerecht en voorgerecht tegelijk, of de hoofdgerechten op verschillende momenten voor de verschillende personen aan een tafeltje). En de prijs die je als toerist in Vietnam moet betalen, ligt minimaal een factor twee hoger dan voor de Vietnamezen zelf. Kortom, vergeleken met Cambodja (en de fietsvakantie in Maleisië twee jaar eerder) is Vietnam niet aan ons besteed. Het politieke bestel en de alomwezige propaganda spreekt ons ook al niet aan. Gelukkig zijn er landen genoeg in de regio waar het voor ons wel aardig vertoeven is. Vietnam gaan wij voorlopig niet meer naartoe.
De georganiseerdheid en rust van Singapore na drieënhalve week Thailand, Cambodja en Vietnam was voor ons echt weer een verademing. Bovendien hadden we ons in Cambodja en Vietnam al gerealiseerd dat hetgeen Singapore in de afgelopen veertig jaar bereikt heeft, eigenlijk erg indrukwekkend is. Niet iedereen is gecharmeerd van Singapore, maar wij vinden het verbazingwekkend hoe goed (of strak) alles is geregeld in Singapore. Precies veertig jaar geleden was Singapore immers bepaald niet de kosmopolitische metropool die het nu is.
Vervoer en openbaar vervoer is toch wel erg prettig geregeld in Singapore. In Singapore draaien systemen als rekeningrijden en één automatisch betaalsysteem voor het openbaar vervoer al jaren met veel succes. En wij zijn daar dan wel een beetje jaloers op. Ook wij vinden Singapore niet direct een vakantiebestemming voor meerdere weken, maar we zijn wel graag in het Eindhoven van de tropen. Oké, wij worden natuurlijk wel beïnvloed door het feit dat we daar een hele fijne logeerkamer hebben, een zwembad in de tuin en introductie op de Hollandse Club (met bitterballen).
Het feit dat de fietsen niet tegelijk met ons op Schiphol aankwamen, gaf wel een domper bij thuiskomst. Eigenlijk willen we sowieso niet dat iemand anders aan onze vakantiefietsen zit. Bij zo'n vlucht ontkom je er niet aan om je fietsen uit handen te geven. Maar ze worden er doorgaans niet beter van. Enige voordeel dat we geen fietsen hebben, is dat we in een razend tempo naar huis kunnen rijden om onze Bert en Poes op te gaan halen uit het dierenpension. Tijdens eerdere fietsvakanties hebben onze buren goed voor onze katten gezorgd. Tijdens deze fietsvakantie hebben we ze voor het eerst van hun leven (en dat van ons) in een dierenpension ondergebracht. We wonen tijdelijk in een klein huurhuisje dat ons niet erg geschikt leek voor de katten om vier weken binnen door te moeten brengen. We hebben ons regelmatig tijdens deze fietsvakantie of onze katten ook een fijne vakantie zouden hebben. Wij zijn blij als we ze weer mee naar huis kunnen nemen. Poes is in eerste instantie een beetje boos en gaat een tijdje onder de bank zitten. Bert is ongeveer een kilo afgevallen op zijn culinaire reis en heeft een neus die helemaal stuk is... tijd om naar de dierenarts te gaan. Na wat onderzoek komt de dierenarts tot de conclusie dat hij gezond is. Waarschijnlijk heeft hij stress gehad en vier weken lang met zijn neus tegen het gaas van de kattenren gezeten... We voelen ons extra schuldig. Volgende fietsvakantie zullen we toch weer een van onze aanstaande buren gaan vragen of ze de beesten eten willen geven.
|